Spring naar inhoud
Novot AI
ENPlan een gesprek
← Terug naar kennisbank

AI en cliëntcontact op een advocatenkantoor: de geheimhoudingsplicht

Naast de privacyregels geldt op een advocatenkantoor de geheimhoudingsplicht van artikel 11a Advocatenwet: alles wat je in je beroep te weten komt is geheim, ook als er geen persoonsgegevens in zitten. Zet je AI in voor cliëntcontact, dan is de vraag niet alleen of je een grondslag hebt, maar of je leverancier binnen je geheimhoudingskring valt. Logistieke berichten zoals afspraken en algemene vragen kun je automatiseren; alles wat de rechtspositie van de cliënt raakt, hoort bij een mens. Leg vast wat je doet in je opdrachtbevestiging en spreek geheimhouding apart af met je leverancier.

Gepubliceerd op

Waarom is een advocatenkantoor een ander geval dan een gewoon bedrijf?

De meeste ondernemers die AI in hun klantcontact zetten, hebben één set regels om rekening mee te houden: de privacywetgeving. Op een advocaten- of juridisch kantoor ligt er een tweede laag overheen, en die laag is ouder, strenger en persoonlijker. Het is de geheimhoudingsplicht.

Die plicht staat in artikel 11a van de Advocatenwet. De kern: voor zover niet bij wet anders is bepaald, is de advocaat ten aanzien van al hetgeen waarvan hij uit hoofde van zijn beroepsuitoefening als zodanig kennis neemt tot geheimhouding verplicht. Let op wat daar staat. Niet "persoonsgegevens". Niet "gevoelige informatie". Alles wat je in de uitoefening van je beroep te weten komt. Dat de cliënt bij je langs is geweest, is al geheim. Het onderwerp van de zaak is geheim. Het bestaan van de zaak is geheim.

Diezelfde bepaling trekt de plicht door naar medewerkers en personeel van de advocaat, en naar andere personen die bij de beroepsuitoefening betrokken zijn. Dat laatste stukje is precies waar het over gaat zodra er software van een leverancier in het spel komt.

Artikel 10a van de Advocatenwet zet erboven waar het allemaal voor is. Daar staan de kernwaarden van het beroep: onafhankelijk ten opzichte van de cliënt, derden en de zaken waarin hij optreedt, partijdig bij de behartiging van de gerechtvaardigde belangen van de cliënt, en vertrouwenspersoon. Vertrouwenspersoon is geen mooi woord voor de folder. Het is de reden dat iemand tegen jou dingen durft te zeggen die hij tegen niemand anders zegt.

Waarom gaat de geheimhoudingsplicht verder dan de privacyregels?

Je hebt voor elke verwerking van persoonsgegevens sowieso een grondslag nodig, en dat verandert hier niet. Maar de geheimhoudingsplicht werkt anders, en op vier punten strenger.

  • Het gaat niet alleen over personen. Een overnamedossier van een BV zonder één natuurlijke persoon erin valt buiten de privacyregels, maar valt volledig binnen je beroepsgeheim.
  • Er is geen belangenafweging. In de privacywetgeving kun je een verwerking dragen op een belang dat je afweegt tegen dat van de betrokkene. De geheimhoudingsplicht kent die knop niet. Je zwijgt, tenzij de wet zelf iets anders bepaalt.
  • Er zit strafrecht achter. Artikel 272 van het Wetboek van Strafrecht stelt strafbaar: hij die enig geheim waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat hij uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift dan wel van vroeger ambt of beroep verplicht is het te bewaren, opzettelijk schendt. Dat is geen bestuurlijke boete voor het kantoor. Dat is een strafbaar feit, gericht op een persoon.
  • Er is tuchtrecht. Naast de wet toetst de tuchtrechter je gedrag aan de kernwaarden. Een privacytoezichthouder kijkt naar de gegevensverwerking, de tuchtrechter kijkt naar het beroep.

Tegenover de geheimhoudingsplicht staat het verschoningsrecht: het recht om je mond te houden als getuige, en het recht dat stukken die onder je geheim vallen buiten schot blijven bij justitie. Het één kan niet zonder het ander. Zou je toch moeten praten, dan was zwijgen zinloos. Daarom is dat recht niet van jou persoonlijk, maar van de cliënt, en beheer jij het alleen. Dat is de zin die je bij elke technische keuze in je hoofd moet houden: je beheert het geheim van een ander.

Wat betekent het als cliëntinformatie door een systeem van een derde loopt?

Een AI die je e-mail leest, je WhatsApp beantwoordt of je telefoon uitwerkt, doet altijd hetzelfde: hij verplaatst tekst. Van jouw omgeving naar een verwerkende omgeving en weer terug. Zodra die tekst een cliëntnaam, een zaaknummer of een onderwerpregel bevat, verplaats je een geheim.

De vraag is dan niet of dat mag, maar of de partij aan de andere kant binnen of buiten je geheimhoudingskring staat. De Advocatenwet biedt daar zelf het aanknopingspunt voor: de plicht geldt ook voor andere personen die bij de beroepsuitoefening betrokken zijn. Een leverancier die namens jou berichten verwerkt, kan dus binnen die kring worden gehaald. Maar dat gaat niet vanzelf, en niet met een standaardcontract.

Drie dingen zijn hier belangrijk, en ze worden vaak door elkaar gehaald.

  1. Een verwerkersovereenkomst is geen geheimhoudingsafspraak. Het is een privacy-instrument. Het regelt hoe een partij persoonsgegevens namens jou verwerkt. Het zegt niets over je beroepsgeheim, en het maakt een derde geen deelgenoot van dat geheim. Je hebt allebei nodig, en het tweede staat er meestal niet in.
  2. Het etiket bepaalt niets, de praktijk wel. De Autoriteit Persoonsgegevens stelt het zo: de organisatie die daadwerkelijk het doel en de middelen van de verwerking bepaalt, is de verwerkingsverantwoordelijke, ongeacht wat er in de verwerkersovereenkomst staat. Vertaal dat naar jouw situatie. Als je leverancier zelf bepaalt wat er met de tekst gebeurt, bijvoorbeeld omdat hij er modellen mee verbetert, dan is hij geen verlengstuk van jouw kantoor. Dan is het een derde die je dossiers leest.
  3. Onderaannemers tellen mee. Je leverancier heeft zelf leveranciers. Elke schakel die de tekst kan zien, staat in of buiten je kring. Zonder een lijst van die schakels weet je niet waar je geheim heen gaat.

Praktisch betekent dit dat de vraag "waar staat mijn data" niet de belangrijkste vraag is. De belangrijkste vraag is: wie mag erbij, onder welke afspraak, en wat mag hij ermee doen.

Heb je toestemming van de cliënt nodig?

Hier gaat het vaakst mis in de redenering, want er zitten twee vragen in elkaar geschoven.

De eerste vraag is de privacyvraag: mag je deze persoonsgegevens verwerken? Die beantwoord je met een grondslag, en toestemming is daar zelden de handigste keuze.

De tweede vraag is de geheimhoudingsvraag: mag je deze informatie delen met een partij buiten je kantoor? Daar is een grondslag niet genoeg voor. Het geheim is van de cliënt. Alleen hij kan je daarvan ontslaan, en alleen als hij weet waar hij ja tegen zegt.

Twee nuances die je niet moet overslaan. De eerste: als je leverancier echt binnen je geheimhoudingskring valt, deel je het geheim strikt genomen niet met een buitenstaander, net zoals je het niet deelt met je eigen secretaresse. Dan is ontheffing niet nodig, maar is het inrichten van die kring wel jouw verantwoordelijkheid, en moet je die kunnen aantonen. De tweede: ook mét ontheffing van de cliënt blijf jij degene die beoordeelt of het verstandig is. Toestemming van een cliënt die zelf niet kan overzien welk risico hij loopt, is geen dekking. De kernwaarde onafhankelijkheid uit artikel 10a betekent ook: onafhankelijk ten opzichte van je cliënt.

Praktisch komt het hierop neer. Voor een assistent die alleen algemene informatie geeft en geen zaakinhoud raakt, is informeren voldoende. Voor alles wat zaakinhoud aanraakt, wil je het expliciet geregeld hebben, en het liefst schriftelijk, in de opdracht.

Wat leg je vast in je cliëntovereenkomst?

De opdrachtbevestiging is de plek waar dit thuishoort, niet een cookiebanner of een zin onderaan je website. Je cliënt sluit een overeenkomst met jou als vertrouwenspersoon. Dan hoort daarin te staan wie er nog meer meeleest.

Zes punten die het verschil maken:

  • Dat er geautomatiseerde hulpmiddelen worden gebruikt, en waarvoor. Beschrijf de functie, niet de merknaam: het aannemen van eerste berichten, het maken van een gespreksverslag, het doorzoeken van een dossier.
  • Waar de informatie staat en blijft. Binnen de Europese Economische Ruimte of niet. Voor je cliënt is dat een concrete vraag, zeker bij een zaak met een tegenpartij in het buitenland.
  • Dat de leverancier gebonden is aan dezelfde geheimhouding. Verwijs naar de plicht die de wet doortrekt naar personen die bij de beroepsuitoefening betrokken zijn.
  • Dat de informatie niet wordt gebruikt om modellen te trainen. Dit is de enige zin die je cliënt echt onthoudt, en terecht.
  • Wat een mens altijd doet. Benoem dat advies, procesbeslissingen en termijnbewaking bij de behandelend advocaat liggen. Dat is precies de geruststelling die telt.
  • Hoe hij eruit stapt. Een cliënt die liever geen enkel geautomatiseerd hulpmiddel in zijn zaak wil, moet dat kunnen zeggen zonder dat het gedoe wordt. Leg vast bij wie hij dat meldt.

Zet er ook een geheimhoudingsbeding in richting je eigen leverancier, apart van de privacyafspraken, met een verbod op onderaanneming zonder je akkoord. Dat beding is je enige echte handvat als het misgaat.

Welke berichten laat je nooit door een AI afhandelen?

De scheidslijn loopt niet tussen makkelijk en moeilijk, maar tussen berichten die je zaak raken en berichten die dat niet doen. Logistiek mag geautomatiseerd. Rechtspositie niet.

Soorten cliëntberichten op een juridisch kantoor en of een AI ze mag afhandelen
Soort berichtDoor een AI?Waarom
Openingstijden, route, hoe een intake verlooptJaGeen zaakinhoud en geen cliëntrelatie nodig; dit is publieke informatie.
Afspraak verzetten met een bestaande cliëntJa, alleen agendaAlleen tijd en plaats. Laat het systeem niet benoemen waar de afspraak over gaat.
Factuur- of betalingsvraagJa, beperktFinanciële administratie kan los staan van de zaakinhoud, mits het systeem niet in het dossier kijkt.
Eerste bericht van iemand die nog geen cliënt isAlleen aannemenDe conflictcheck is nog niet gedaan. Noteren en doorzetten mag, inhoudelijk reageren niet.
"Wat is de stand van zaken in mijn zaak?"NeeVereist dossiertoegang en interpretatie. Een verkeerd geformuleerde stand van zaken is een advies.
Inhoudelijke juridische vraagNeeDit is de kern van het beroep. Advies hoort bij een advocaat die aansprakelijk is voor de inhoud.
Bericht met een termijn erinNeeBezwaar, hoger beroep, verjaring. Een gemiste termijn is onherstelbaar en raakt direct de aansprakelijkheid.
Bericht van de wederpartij of diens advocaatNeePositiegevoelig. Elke reactie kan als standpunt worden gelezen, en er speelt een tegenstrijdig belang.
Bericht van politie, Openbaar Ministerie of rechtbankNeeRaakt aan het verschoningsrecht en aan processtukken. Hoort bij een mens die de zaak kent.
Signaal dat kan raken aan witwassen of terrorismefinancieringNeeVraagt een beoordeling die de wet bij de instelling zelf legt, met eigen regels rond de melding.
Bericht over dreiging, geweld of een crisisNeeEen verkeerd getimede automatische reactie doet hier echte schade. Dit hoort direct bij een mens.
Verzoek om het dossier of om afschriftenNeeVergt vaststelling van de identiteit en een oordeel over wat wel en niet mag worden verstrekt.

Twee vuistregels helpen bij twijfel. De eerste: als een fout in het antwoord de rechtspositie van de cliënt verandert, dan gaat het bericht naar een mens. De tweede: als het antwoord alleen te geven is door in het dossier te kijken, dan gaat het bericht naar een mens.

Wat betekent dit voor logbestanden, verslagen en trainingsdata?

Een geautomatiseerde assistent laat sporen achter, en die sporen zijn zelf geheim. Een chatlog waarin iemand vraagt naar een strafzaak, een telefoonverslag met de naam van een tegenpartij, een lijst met onderwerpen van binnengekomen berichten: het zijn allemaal stukken die onder je geheimhoudingsplicht vallen en die je in beginsel niet hoeft af te geven.

Dat heeft gevolgen die op een gewoon bedrijf niet spelen. Logbestanden die bij een leverancier staan, staan buiten je muren. Een supportmedewerker die "even meekijkt" om een storing op te lossen, kijkt in cliëntinformatie. Een testomgeving met echte berichten erin is een kopie van een dossier. En een systeem dat berichten gebruikt om zichzelf te verbeteren, laat cliëntinformatie in iets terechtkomen waar je hem nooit meer uit haalt.

Wat je hier wilt regelen, is klein en concreet. Hoe lang blijven logs staan. Wie kan erbij. Kan er worden meegekeken, en zo ja alleen na jouw akkoord per keer. En worden berichten hergebruikt voor training. Dat laatste is een ja-of-nee-vraag. Neem geen genoegen met "wij gebruiken je gegevens niet zomaar".

Denk ook aan de kant van de cliënt zelf. Iemand die je op WhatsApp benadert over een echtscheiding, heeft die berichten op een telefoon staan die zijn partner misschien kan zien. Je kunt dat niet regelen, maar je kunt het wel benoemen en een veiliger kanaal aanbieden. Dat is klassiek advocatenwerk, geen technische kwestie.

Waar houdt de geheimhouding op: de Wwft en andere uitzonderingen

Artikel 11a begint met een voorbehoud: voor zover niet bij wet anders is bepaald. Er zijn dus wettelijke uitzonderingen, en op een juridisch kantoor is de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme daarvan de bekendste.

Die wet bepaalt dat een instelling ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme cliëntenonderzoek verricht. En zij bepaalt dat een instelling een verrichte of voorgenomen ongebruikelijke transactie onverwijld meldt aan de Financiële inlichtingen eenheid, nadat het ongebruikelijke karakter van de transactie bekend is geworden. Voor advocaten geldt dit alleen bij bepaalde soorten dienstverlening, en juist niet bij het bepalen van de rechtspositie van een cliënt of het vertegenwoordigen in een procedure. Die grens is precies de reden dat dit werk niet aan een automaat te delegeren is: het oordeel of een situatie aan de ene of de andere kant van de streep valt, is zelf juridisch werk.

Voor je AI-inrichting volgt hieruit iets nuchters. Een systeem dat cliëntberichten aanneemt, is geen witwasdetector en moet dat ook niet proberen te zijn. Wat het wel kan, is een signaal doorzetten naar de mens die de beoordeling maakt. Bouw dus geen automatische conclusie, maar een route.

Hetzelfde geldt voor de identiteitsvaststelling die de wet bij bepaalde diensten voorschrijft. Een geautomatiseerde assistent kan documenten opvragen en klaarzetten. Het vaststellen zelf, en de vraag of het klopt, blijft mensenwerk op het kantoor.

Waar begin je op een kantoor dat hier nog niets aan doet?

Een werkbare volgorde, van goedkoop naar duur.

  1. Maak een lijst van je kanalen. Waar komen berichten binnen: mail, WhatsApp, telefoon, contactformulier? Welke daarvan bevatten nu al zaakinhoud?
  2. Trek de streep. Bepaal per soort bericht of het logistiek is of zaakinhoud raakt. De tabel hierboven is een startpunt; jouw praktijk bepaalt de rest.
  3. Kies eerst het saaiste stuk. Afspraken en algemene vragen zijn het veiligste beginpunt en leveren direct rust op aan de telefoon.
  4. Zet je vragen aan de leverancier op papier. Waar staat de data, wie kan erbij, wordt er getraind, wie zijn de onderaannemers, hoe lang blijven logs staan, en accepteert hij een geheimhoudingsbeding dat verder gaat dan de privacyafspraken.
  5. Pas je opdrachtbevestiging aan. Eén alinea, in gewone taal, met de zes punten hierboven.
  6. Leg de escalatieroute vast. Wat gebeurt er als een bericht buiten de veilige categorie valt, wie krijgt het dan, en binnen hoeveel tijd. Zet dat op papier, want daar wordt in de praktijk naar gehandeld.

Het onderliggende principe is simpel genoeg om aan je hele kantoor uit te leggen. De cliënt vertelt jou iets omdat hij weet dat het bij jou blijft. Elk systeem dat je erbij haalt, moet je kunnen uitleggen als een verlengstuk van je eigen kantoor, niet als een derde die toevallig meeleest. Kun je dat niet uitleggen, dan hoort de informatie er niet in.

Kijk wat Novot AI voor jouw bedrijf kan betekenen.

Plan een gesprek